Nienke Krook Geschreven door Nienke Krook. Foto door: Nienke Krook

Tot 1949 was Nepal gesloten voor bezoekers uit het buitenland. Vooral bergbeklimmers stonden te trappelen tot ze eindelijk de Himalaya konden beklimmen.

De eerste stapjes

De eerste groep die op expeditie mocht (naar Langtang, ten noorden van Kathmandu), was een Brits gezelschap onder leiding van Bill Tilman. Er waren in die tijd nog geen wegen en de tocht vanaf Kathmandu naar het basiskamp van de Everest duurde meer dan een maand. 

De eerste persoon die het bergtoerisme op een meer commerciële manier bekeek, was de luitenant-kolonel Jimmy Roberts. Hij bedacht de naam trekking en stimuleerde -samen met verhalen van enthousiaste teruggekeerde bergbeklimmers- een enorme groei van het bergtoerisme.

Voor- en Nadelen van de trektochten

De nieuwe stroom toeristen zorgde voor flink wat werkgelegenheid. Gidsen, dragers, mensen met een winkel of trekkershut, touroperators in de steden, handelaars met trekkingsuitrusting, iedereen pikte een graantje mee. 

Toen het aantal bezoekers eind jaren '70 enorm toenam, betekende dit helaas ook het verlies van veel bossen langs de paden (vooral gebruikt als stookhout). Hierdoor verdwenen plantensoorten en trokken ook veel dieren weg uit de omgeving. Daarnaast vormt afvalverwerking en vervuiling een groot probleem. 

Het Annapurna gebied

Bijna 60% van alle trekkers die Nepal bezoeken, gaan naar het Annapurna gebied. Vooral de verscheidenheid in landschap, dieren en planten (wat voornamelijk komt door de moessonregens en de grote hoogteverschillen) en de kleine bergdorpjes zijn populair. 

Annapurna Area Conservation Project (AACP)

Dit project is in 1986 opgericht om de ontwikkeling van de inwoners te waarborgen en de biodiversiteit te beschermen. De bevolking wordt geschoold om beter voor hun omgeving te zorgen. Zo weten ze nu dat ze geen bomen meer moeten kappen, leren ze paden schoon te houden en zonne- en waterenergie te gebruiken. Ook werken ze samen met het AACP aan gezondheidscentra, scholen, waterleidingen en riolering. Maar ze leren ook westers koken en een groep mensen zorgt voor de standaardisering van prijzen en accommodatie voor trekkers.

Het AACP beheert 7600 vierkante kilometer land ten noorden van Pokhara. 25 kilometer verder vind je het Annapurna massief. Het geld dat de trekkers als entree betalen, wordt goed besteed. Bossen komen langzaam terug, net als bepaalde diersoorten en bijna de helft van wat de trekkers betalen komt ten goede aan de plaatselijke economie. 

Accommodatie

De accommodatie in het Annapurna gebied is de laatste jaren sterk verbeterd. De hutten zijn soms eenvoudig (van hout of golfplaat), maar sommige hutten zijn gebouwd in chalet-stijl en de meesten hebben een eetruimte met keus uit diverse gerechten, privé-kamers en een terras waar je heerlijk van het uitzicht kunt genieten. Doordat deze 'theehuizen' op relatief korte afstand van elkaar liggen, hoeven trekkers niet meer te kamperen en kun je zonder al teveel bepakking de tocht maken. In het begin van de trek kun je vaak een deal maken met de eigenaars van het theehuis waar je wil verblijven: door af te spreken dat je alle maaltijden (ontbijt en avondeten) bij het theehuis bestelt, kun je vaak gratis overnachten. Als je hoger komt is deze afspraak niet meer te maken en dit is begrijpelijk, want de accommodatie wordt hogerop ook schaarser natuurlijk. 

Trektochten

De twee meest gelopen tochten in het Annapurna gebied zijn de Annapurna Circuit Trek (gemiddeld 21 dagen om het hele massief heen, met als hoogste punt de Thorung La op 5416 meter) en de Annapurna Sanctuary Trek (tussen de 8 en de 11 dagen met als hoogste punt het Annapurna Base Camp op 4130 meter).   

Het Annapurna massief is ook het centrum van trekking peaks in de Annapurna Sanctuary (vier peaks) en de Manang Himal (vijf peaks). Trekking peaks kunnen alleen beklommen worden door klimmers met ervaring in het werken met touwen, ijsbijlen en klampen. 

LET OP! Onderstaande reisplannen zijn indicaties. De werkelijke looptijd hangt af van je fysieke gesteldheid, het weer en eventuele rustpauzes of omwegen die je gaat maken. Soms zul je een dorpje verder lopen dan hieronder aangegeven staat, maar soms zul je ook eerder stoppen. Twee verslagen van ATG-ers die beide tochten gelopen hebben geven je een beter beeld van wat je onderweg kunt verwachten en aanpassingen in routes (zie links hierboven). 

Reisplan Annapurna Circuit Trek 

Dag 0: Kathmandu/Pokhara naar Besi Sahar, Dag 1: Besi Sahar naar Bhulbule, Dag 2: Bhulbule naar Ghermu, Dag 3: Ghermu naar Tal, Dag 4: Tal naar Chame, Dag 5: Chame naar Pisang, Dag 6: Pisang naar Manag, Dag 7: Acclimatisering in Manag, Dag 8: Manang naar Yak Kharkha of Letdar, Dag 9:  Letdar naar Thorung Phedi, Dag 10: Thorung Phedi naar Muktinath, Dag 11: Muktinath naar Kagbeni, Dag 12: Kagbeni naar Jomsom, Dag 13-19: Jomsom naar Naya Pul (en dan Naya Pul naar Pokhara)

Reisplan Annapurna Sanctuary Trek

Dag 1: Phedi naar Tolka, Dag 2: Tolka naar Chhomrong, Dag 3: Chhomrong naar Bamboo, Dag 4: Bamboo naar Himalayan Hotel, Dag 5: Himalayan Hotel naar Machhapuchhare Base Camp (MBC), Dag 6: MBC naar Annapurna Base Camp (ABC), Dag 7-14: ABC naar Naya Pul (En dan Naya Pul naar Pokhara).

Je kan ook aan de andere kant beginnen, dan loopt je route ongeveer zo: Dag 1: Nayapul naar Ulleri, Dag 2: Ulleri naar Ghorepani, Dag 3: Ghorepani naar Tadapani, Dag 4: Tadapani naar Chomrong, Dag 5: Chomrong naar Dovan, Dag 6: Dovan naar MBC, Dag 7: MBC naar ABC, Dag 8:  ABC naar Bamboo, Dag 9: Bamboo naar Jinhu (hier kan je de middag heerlijk doorbrengen in de hot watersprings), Dag 10: terug naar Pokhara (deels met taxi of bus). 

Uitbreiding

Een bezoek aan Poon Hill geeft je een fantastisch uitzicht over het Annapurna gebergte. De wandeling is een pittige, omdat het best steil is om er te komen (en trappen!) en je dit natuurlijk om 4/5 uur in de ochtend doet! Poon Hill kun je koppelen aan beide treks die hierboven beschreven zijn.  

Het Everest gebied

De Mount Everest staat in Nepal bekend als Sagamartha (de Godin van de Hemel). De Tibetanen kennen de berg als Cho Molungma (de Moedergodin van de aarde). De hoogte is in 1999 geschat op 8850 meter, maar door schuiving van de aardplaten, komt de Everest nog steeds omhoog. Een beklimming tot het basecamp duurt ongeveer 14-20 dagen en start en eindigt in de plaats Lukla (je kunt naar deze plaats vliegen om te starten, neem dan wel een paar dagen om te acclimatiseren). 

De berg heeft al vele levens geëist, maar nog steeds kun je vanuit Nepal, Tibet of China dit ijs-monster beklimmen, ervaren of niet. In 1996 vond er een ernstig ongeluk plaats, toen 33 mensen de top wilden bereiken op een plek waar nauwelijks ruimte genoeg was voor 1 klimmer. Deze drukte en een hevige sneeuwstorm, zorgde voor 8 doden. Je kunt het verhaal nalezen in het boek 'Into Thin Air' van Jon Krakauer, of terugzien in de film 'Everest'. In deze film, gemaakt door twee cineasten die toevallig op dat moment IMAX opnamen van de berg aan het maken waren, hoor je de eerste hand verhalen van mensen die bij de tragedie waren. 

Bij het beklimmen van de Everest moet je er rekening mee houden dat de hoeveelheid zuurstof op het basiskamp (5357m) per inademing de helft van die op zeeniveau bedraagt. Op de top is dat zelfs maar een derde! Samen met kans op hoogteziekte, bevriezing en vaak onvoorspelbaar weer, is een klim op de Everest niet iets dat je zomaar even doet. 

Reisplan Everest Base Camp Trek 

Dag 1: Lukla naar Phakding, Dag 2: Phakding naar Namche Bazaar, Dag 3: Acclimatisering in Namche Bazaar, Dag 4: Namche Bazaar naar Tenboche, Dag 5: Tenboche naar Pheriche, Dag 6: Acclimatisering in Pheriche, Dag 7: Pheriche naar Duglha, Dag 8: Duglha naar Lobuche, Dag 9: Lobuche naar Gorak Shep*, Dag 10: Gorak Shep naar Lobuche, Dag 11: Lobuche naar Dingboche, Dag 12-14: Dingboche naar Lukla.
*Als je bij het plaatsje Gorak Shep bent kun je naar de BC, dit is ongeveer 2 à 2,5 uur lopen. Heb je dit gedaan en wil je nog iets hoger? Dan ligt er naast Gorak Shep nog een berg genaamd Kala Pattar. Deze is 5500 meter hoog en hier klim je ook ongeveer 2 uur over.
Een aanrader is om rond 15:00 te vertrekken naar de top, als je daar bent heb je een mooi zon ondergang en de Mount Everest verandert van oranje naar roze tot paars.
Dan snel naar beneden want dan wordt het vrij snel donker.
Let wel op bij deze trekking dat het zeer zwaar is, het kan gevaarlijk zijn en behoorlijk duur.
- Permit 5000 NR*
- Porter/Guide (als je wilt) 2000 tot 5000 NR* (porter 2000/guide 5000)
- Eten/Drinken/Slapen minimaal 2000 NR Per Dag!
- Ticket enkel 16500 NR ($165,-)

Vergeet ook niet je hoogteziekte pillen mee te nemen en in te nemen.

Met een extra week erbij zie je nog meer van dit prachtige gebied. Zo kun je een 6-daagse omweg maken van Namche Bazaar naar de Gokyo Vallei. 

Langtang-Gosainkund-Helambu

Dit gebied is goed bereikbaar vanuit Kathmandu en heeft trektochten voor zowel ervaren als beginnende trekkers. Het is er een stuk minder toeristisch dan het Annapurna gebied of de omgeving rondom de Everest. 

Je beklimt in deze trek de Langtang Vallei vanaf 1470 meter (bij Syabrubesi) naar 3870 meter (bij Kyanjin Gompa). Er zijn genoeg lodges om te overnachten en vanaf Kyajin Gompa kun je nog dagtochten maken, waarbij je de prachtige bergtoppen goed kunt bekijken.  

Verdere toevoegingen aan de basistrek zijn: een trek langs de Tamang Heritage Trail of een bezoek aan de Gosainkund meren, waarna je kunt terugkeren naar Dhunche (12 dagen totaal) of verder kunt over de Laurebina La naar Kathmandu (14 dagen totaal)

Reisplan Langtang Trek

Dag 1: Syabrubesi naar Lama Hotel, Dag 2: Lama Hotel naar Langtang, Dag 3: Langtang naar Kyanjin Gompa, Dag 4-8: Langtang Vallei en terugkeer naar Syabrubesi.

Reisplan Gosainkund Trek 

Dag 1: Dhunche naar Sing Gompa, Dag 2: Sing Gompa naar Laurebina Yak, Dag 3: Laurebina Yak naar Gosainkund Meren, Dag 4: Gosainkund Meren naar Gopte, Dag 5: Gopte naar Tharepati, Dag 6-8: Tharepati naar Sundarijal. (En dan nog Sundarijal naar Kiul of Kathmandu)

Reisplan Helambu Trek

Dag 1: Sundarijal naar Chisopani, Dag 2: Chisopani naar Golphu Bhanjyang, Dag 3: Golphu Bhanjyang naar Tharepati, Dag 4: Tharepati naar Melamchi Ghyang, Dag 5: Melamchi Ghyang naar Tarke Ghyang, Dag 6: Tarke Ghyang naar Kiul. (En dan nog Kiul naar Kathmandu)

Voorbereidingen

De beste tijd om een trek te maken is in het droge seizoen, tussen oktober en mei. Je wilt liever niet wandelen in de moessontijd (tussen juni en september). In oktober en november heb je de meest heldere luchten en warme temperaturen, maar dan zul je ook merken dat er ook de meeste toeristen zijn. In december, januari en februari kan het behoorlijk koud worden en soms zelfs gevaarlijk zijn op grote hoogte (zoals lawinegevaar). Enkele wegen zijn dan geblokkeerd vanwege de sneeuw, maar het is op sommige plekken wel mogelijk (en lekker rustig!) om een trek te maken, bijvoorbeeld ABC. In maart en april is het weer al langere tijd droog en zul je minder helder uitzicht hebben, maar het is dan wel rustiger en je zult de prachtige rhododendrons zien bloeien. In mei wordt het al flink heet, stoffig en vochtig - je voelt de moesson haast aankomen! 

Papierwerk

Sinds 2008 heb je een Trekkers' Information Management System (TIMS) kaart nodig om een trektocht te maken. Je kunt de kaart krijgen bij het verkeersbureau of de organisatie waar je een trektocht boekt. Je moet een kopie van je paspoort en 2 pasfoto's geven. 

Als je trek door een Nationaal Park loopt, moet je hiervoor ook een bedrag betalen. In het Annapurna gebied moet je een bedrag (rond de 2000 rupees) ten behoeve van conservatie aan het ACAP betalen (in Pokhara of Kathmandu). Je hebt ook hier 1 pasfoto nodig. 

Deze Permits kun je zowel in Kathmandu als in Pokhara krijgen bij the tourism board. Kies je ervoor om alles te laten regelen, hoef je alleen pasfoto's aan het tourbureau te geven. 

Georganiseerd of Zelfstandig?

Veel reizigers die voor het eerst een trekking maken kiezen ervoor hun vergunningen, eventuele uitrusting, drager/gids, eten/drinken, vervoer en verzekeringen over te laten aan een trekkingsorganisatie. Je kunt dit al vanaf thuis boeken, of in Kathmandu of Pokhara. Het geeft je wat steun en kan je tijd besparen, maar het is ook heel goed mogelijk dit helemaal zelf te regelen. Met een organisatie heb je vaak wel de kans om op de minder toeristische plekken te komen, waar je als individu geen vergunning voor kunt krijgen. 

Het reizen via een organisatie hoeft niet automatisch te betekenen dat je in een groep loopt. Dit kan natuurlijk wel, maar je kunt ook als bijvoorbeeld koppel of individu de tocht laten organiseren. 

Gids? Drager? Kok?

Je kunt er tijdens je trektocht voor kiezen om een of meerdere Nepalezen met je mee te laten gaan. Als je niet gaat kamperen (en dus niet zelf gaat koken), heb je natuurlijk geen kok nodig.

Ook is het vaak voldoende alleen een drager mee te nemen (Bijvoorbeeld in het Annapurna gebied). Als je ervoor kiest geen Engelstalige gids -naast je drager- mee te nemen, controleer dan wel of je drager überhaupt Engels spreekt. Je zult merken dat het fijn is als je met je drager kunt communiceren en hij (of zij!) je kan vertellen hoe lang het nog is naar de volgende plaats en hoe het terrein zal zijn. Ook is het natuurlijk leuk om meer van de achtergrond van de Nepalezen te weten te komen. 

Tenslotte zijn er ook mensen die fysiek prima in staat zijn om de tocht geheel zelfstandig te doen, dus zonder gids of drager. In principe staan er overal (op de bekende wandelroutes) borden bij de accommodaties met daarop afstanden, zijn er goede kaarten en duidelijke wegen... Maar je kunt er ook aan denken dat je met het huren van een drager/gids bijdraagt aan de ontwikkeling van de lokale economie en het leven van die persoon een stuk beter maakt op financieel gebied. Het begeleiden van treks is meestal hun enige mogelijk om geld te verdienen, en ze verdienen er nog bijzonder weinig mee ook.

De gemiddelde gids/drager verdient per dag iets van 16 dollar, waarvan accommodatie en eten nog betaald moet worden. Dit werk is daarbij maar een maand of 5 per jaar te doen, dus reken maar uit... Een gepaste fooi aan het eind van de tocht wordt door de Nepalezen dan ook heel erg gewaardeerd!

Duur trektocht

Bij het plannen van je route moet je duidelijk aangeven hoeveel dagen je aan de tocht wilt besteden. Dit kan van tevoren best moeilijk schatten zijn, maar van de richtlijn die de organisatie of gids je biedt kun je goed uitgaan. Houdt er rekening mee dat je eventueel onderweg ziek kunt worden of ergens een dagje langer wilt verblijven. Spreek goed af op welke manier deze vertragingen betaald zullen worden.  

Een trektocht hoeft niet altijd lang te duren en je gelijk compleet uit te putten. In Nepal zijn ontzettend veel kortere, maar ook prachtige, tochten te vinden. Zo kun je in 1-3 dagen bekijken of je eventueel een langere trektocht zou willen doen. Een korte tocht hoeft overigens niet te zeggen dat het gelijk een makkelijke tocht is. De heuvels zul je altijd moeten trotseren. Vaak zul je juist bij langere tochten merken dat je op een gegeven moment in een goed ritme komt en zul je blij zijn dat je niet gelijk na twee dagen bikkelen hebt opgegeven. 

Geldzaken

Reken voor de huur van een drager op 7-10 US$ per dag en voor een gids 10-15 US$. Verder heb je nog de kosten voor vergunningen, nationale parken, benodigd materiaal, eventueel vervoer naar de startplaats, accommodatie (rond de 100-200 rupees) en eten/drinken (maaltijd rond de 150-200 rupees in het begin, de prijs stijgt met de hoogte van de berg en is later tussen de 200-600 rupees).

Zonder de kosten van een drager of gids kun je rekenen op 15-20 US$ per dag in het Annapurna en Everest gebied. Bij het Everest gebied moet je ook nog rekenen op de kosten voor een vlucht naar Lukla. Vlieg je van Kathmandu naar Lukla dan betaal je gemiddeld $165,- (16500 Nepalese Roepies).

Houd er tenslotte rekening mee dat je onderweg nergens geld kunt opnemen, dus dat je genoeg cash geld meeneemt voor alle dagen dat je weg bent. 

Kleding

Goede schoenen zijn het belangrijkst als je gaat wandelen. Ga er niet vanuit dat je wel schoenen in Nepal zelf koopt. Dit is wel mogelijk (mits ze je goede maat hebben), maar de meeste uitrusting in Nepal is goedkope namaak en je zult gegarandeerd blaren krijgen. Koop dus thuis schoenen en loop ze zoveel mogelijk in. Het best kun je gaan voor enkelhoge schoenen met goed profiel, zodat je de meeste grip en steun hebt. Waterdichtheid is belangrijk als je door de sneeuw moet lopen. 

De rest van de spullen voor de tocht kun je gewoon in Nepal aanschaffen. De winkeltjes zijn er in overvloed en je zult gegarandeerd goedkoper uit zijn dan in Nederland. 

Vergeet zeker niet om goede (wandel)sokken aan te schaffen. Met katoenen sokken kan het vocht niet goed worden opgenomen, gaat de sok schuren en krijg je sneller last van blaren. 

Het hangt af van de periode waarin je een trekking gaat maken en welke route je doet wat je precies voor kleding nodig hebt. Everest in de wintermaanden vraagt om thermisch ondergoed, sjaals en mutsen en dons-jassen. Maar tijdens de warmere maanden en in lagere gebieden heb je genoeg aan een fijn zittende wandelbroek en een shirtje (misschien een fleece voor 's avonds). 

Aangezien je de hele dag in je wandelschoenen rondloopt, kan het fijn zijn om slippers of speciale dikke sokken mee te nemen waar je 's avonds bij je accommodatie in rond kan lopen.

Overig Materiaal

In Pokhara en Kathmandu is een ruime keus aan kaarten van de trekkingsgebieden te vinden. Nergens anders zul je ook  maar een betere collectie aan lees- of informatieve boeken over trekking vinden! Vergeet ook niet om de app maps.me te downloaden. Op deze app kun je van tevoren kaarten downloaden, die je daarna offline kan bekijken. Tijdens de ABC-trek kon je op verrassend veel plekken zien waar je was met deze app. 

In de wintermaanden, of als je in hoge gebieden komt, is een dikke slaapzak ook nodig. Op de Sanctuary Trek worden in de teahouses wel dekens uitgedeeld, maar als het druk is kun je mis grijpen. Bovendien heb je, vooral in het basecamp zelf, niet genoeg aan alleen de dekens. Een goede slaapzak kan je bij bijna alle winkeltjes in Pokhara of Kathmandu huren voor een dollar per dag. Zorg dat de slaapzak dik genoeg is en van binnen niet kapot is. Je kan het besten kiezen voor een slaapzak van -20 of -25. 

Wees altijd voorbereid op regen en neem een poncho (die ook over je tas kan) of een regenjack en aparte regenhoes voor je tas mee.

Als je gaat hiken op plekken waar ijs ligt (bijvoorbeeld ABC), kan het ook heel handig zijn om crampons mee te nemen. Dit zijn een soort ijzeren overschoentjes die je over je wandelschoenen kan doen. Aan de onderkant zitten haakjes. Hierdoor heb je ook op het ijs gewoon grip en kan je hier makkelijk overheen lopen. Dit scheelt ontzettend veel tijd. 

Of je het lopen met wandelstokken fijn vindt is persoonlijk, maar ze zijn ook te huur. Je kunt ook makkelijk langs de route stokken vinden. 

In het donker kan een zaklamp handig zijn. Nog beter zijn de hoofdlampjes, vooral als je in het donker naar een hurk-toilet moet! 

Zonnebrand is ook belangrijk, juist ook op de top als er veel sneeuw ligt! Vergeet ook je zonnebril niet, iets om je hoofd te bedekken en lippen balsem met het liefst uv bescherming. 

Verder is een EHBO-setje handig, net als een sneldrogende handdoek (te koop bij Xenos voor €7,50 of bij Bever Sport voor €17,- en misschien antibacteriële handgel.

Eten en drinken tijdens de trek

Als je kiest voor een trek met theehuizen, kun je bij je accommodatie voor de nacht ook een avondmaaltijd en ontbijt kopen. Je hebt best een ruime keuze: pizza, noodles, rijst, pasta enz. en voor het ontbijt eieren, pap, cruesli etc. De maaltijden worden naarmate je hoger komt steeds duurder. Dit is logisch, want al het eten moet natuurlijk ook omhoog gedragen worden. Als je een trek doet via een tourbureau zitten deze maaltijden over het algemeen inbegrepen bij de prijs. 

Wat je wel altijd apart moet kopen zijn snacks. Het is daarom een goed idee om dit van tevoren te kopen in Pokhara of Kathmandu. Snoeprepen, mueslibars en noten zijn handig te pakken tijdens het lopen en zorgen voor energie. In Pokhara en Kathmandu kan je deze spullen spotgoedkoop aanschaffen, in de bergen wordt het een stuk duurder (denk aan 2 dollar voor een mars). Natuurlijk is het nadeel hiervan wel dat je deze dingen de berg op moet dragen.  

Voor schoon drinkwater is het belangrijk dat je een vorm van waterzuivering (tabletten, druppels of filter) meebrengt. Op zekere hoogte is het ook niet meer mogelijk om drinkwater in flessen te kopen. Je kan tijdens de hike wel overal je beker of fles bijvullen, maar vooral hoog op de berg is dit een stuk duurder dan waterzuiveringstabletten. Zorg er ook voor dat je een goede drinkfles mee hebt. Lees hier meer over in onze producttest of artikel over waterzuivering